verruimde schenkingsvrijstelling

Voorgestelde verruiming van de schenkingsvrijstelling voor de eigen woning.

Voorgesteld wordt de schenkvrijstelling voor de eigen woning vanaf 1 januari 2017 te verhogen naar € 100.000. Deze verruiming geldt voor schenkingen aan personen tussen de 18-40 jaar, ongeacht de familieband. De eenmalig verhoogde vrijstelling geldt dus voor schenkingen aan een kind en aan anderen. Ingevolge de voorgestelde regeling wordt onder schenking ten behoeve van een eigen woning verstaan:

a. een schenking van een woning die voor de verkrijger een eigen woning is als bedoeld in art. 3.111 lid 1 of lid 3 Wet IB 2001;

b. een schenking van een bedrag ter zake van de verwerving van een woning als bedoeld in onderdeel a;

c. een schenking van een bedrag ter zake van de kosten voor verbetering of onderhoud van een woning als bedoeld in onderdeel a;

d. een schenking van een bedrag ter zake van de afkoop van rechten van erfpacht, opstal of beklemming met betrekking tot een woning als bedoeld in onderdeel a;

e. een schenking van een bedrag voor de aflossing van een eigenwoningschuld of voor de aflossing van een schuld die de verkrijger had op het moment direct voorafgaand aan een vervreemding van een eigen woning, voor zover deze schuld heeft geleid tot een negatief vervreemdingssaldo eigen woning (restschuld).

De verhoogde vrijstelling is eenmalig en kan dus maar in één kalenderjaar worden toegepast. Een schenking van bijvoorbeeld € 40.000 kan dus niet worden aangevuld tot € 100.000 in een later jaar. Wel zijn er overgangsbepalingen voor de samenloop met de vóór 1 januari 2017 bestaande verhoogde vrijstellingen. Hierbij wordt onderscheid gemaakt tussen schenkingen aan een kind of een ander (in alle gevallen geldt dat de begiftigde jonger dan 40 jaar moet zijn).

Indien een kind vóór 1 januari 2010 de eenmalig verhoogde schenkvrijstelling heeft genoten die niet in de periode 2010-2014 is aangevuld met de eenmalig verhoogde vrijstelling voor de eigen woning, kan de ouder de schenking aanvullen tot € 100.000. Het kind heeft dan recht op een aanvullende vrijstelling van € 100.000 minus de al genoten (tijdelijk) verhoogde vrijstelling(en). Heeft het kind gebruik gemaakt van de tijdelijk verhoogde vrijstelling (destijds maximaal € 100.000) in de periode 1 oktober 2013 - 31 december 2014, dan kan de ouder de schenking niet aanvullen tot € 100.000 als destijds niet het maximum is geschonken. Indien het kind in 2015 of 2016 al gebruik heeft gemaakt van de huidige verhoogde vrijstelling, dan kan de ouder de schenking wel aanvullen tot € 100.000 (uiterlijk tot en met 31 december 2018).

Notaris Wim Vonk




Oudere nieuwsberichten

korte checklist voor nabestaanden 27 oktober 2015
verruimde schenkingsvrijstelling 5 oktober 2015
Aansprakelijkheid vennoten in v.o.f. 7 juli 2015
Het (vernieuwde) energielabel 9 december 2014
Periodieke giften 27 oktober 2014